Wat je moet weten over de bijleenregeling en eigenwoningreserve
Verkoop je je huis met winst, nadat de hypotheek en verkoopkosten zijn betaald? Dan heb je een eigenwoningreserve. Dit bedrag bepaalt hoeveel hypotheekrente je mag aftrekken bij je volgende huis. Je mag alleen rente aftrekken over het deel van je nieuwe hypotheek dat niet door deze reserve wordt gedekt. Zo zorgt de Belastingdienst ervoor dat je niet meer rente aftrekt dan de bedoeling is. Kosten voor echte verbeteringen aan je huis, zoals een nieuwe keuken of badkamer, mag je wel meetellen – maar alleen als je dit kunt aantonen met facturen.
Hieronder zie je in een tabel hoe je de eigenwoningreserve berekent:
| Berekening eigenwoningreserve |
Toelichting |
| Verkoopopbrengst |
Verkoopprijs huis |
| – Verkoopkosten |
Makelaars-/notariskosten |
| – Resterende hypotheek |
Openstaand bedrag |
| = Eigenwoningreserve |
Overwaarde |
Wat gebeurt er met je renteaftrek als je overwaarde hebt?
Wil je volledige renteaftrek? Dan moet je deze reserve helemaal gebruiken voor je nieuwe huis. Dat betekent dat je een deel zelf betaalt of een lagere hypotheek neemt. Verbouwingskosten die je huis daadwerkelijk verbeteren, zoals een uitbouw of nieuwe badkamer, mag je meetellen en verhogen het bedrag waarover je rente kunt aftrekken.
Kortom: meer overwaarde betekent minder renteaftrek. Alleen kosten die aantoonbaar je huis verbeteren of onderhouden tellen mee. Gewone verhuiskosten, zoals een verhuiswagen huren of nieuwe meubels kopen, zijn niet aftrekbaar.
Renteaftrek bij verbouwing of bouwdepot: hoe werkt dat?
Heb je een bouwdepot of verbouwingshypotheek? Dan mag je alleen rente aftrekken over het geld dat je daadwerkelijk hebt uitgegeven aan het verbeteren of onderhouden van je huis. Houd dus goed bij waar je geld naartoe gaat. De rente die je op het depot zelf ontvangt en de kosten van het depot worden apart behandeld, los van je hypotheekrente.
Dubbele renteaftrek bij verhuizing: hoe zit dat?
In sommige situaties kun je tijdelijk dubbele renteaftrek krijgen voor zowel je oude als je nieuwe huis. Dit mag maximaal 24 maanden en alleen als je aan de voorwaarden voldoet. Je oude huis moet te koop staan, mag niet verhuurd zijn en moet beschikbaar zijn voor verkoop. Je nieuwe huis moet binnen deze periode je hoofdverblijf worden. Deze regeling is bedoeld voor als je al bent verhuisd, maar je oude huis nog niet verkocht is.
De dubbele aftrek stopt zodra je oude huis verkocht of verhuurd wordt, of als de termijn voorbij is. In je belastingaangifte moet je de periodes en rente per woning duidelijk scheiden. Je moet kunnen aantonen dat je een verkoopopdracht hebt gegeven, dat het huis leegstaat en je moet documenten hebben van je inschrijving en sleuteloverdracht van je nieuwe woning.
Maandelijks alvast belasting terugkrijgen met een voorlopige aanslag
Je regelt dit online door je gegevens in te vullen over je inkomen, hypotheekrente, eigenwoningforfait en eventueel je partner. Verandert er iets, zoals je inkomen of woonsituatie? Dan kun je dit aanpassen. Door je voorlopige aanslag goed af te stemmen op je werkelijke situatie, voorkom je verrassingen bij de jaarafrekening.
Belastingteruggave verspreid over het jaar en bijhouden als er iets verandert
De aanslag is gebaseerd op je inkomen, het eigenwoningforfait, je hypotheekrente en -kosten, en hoe je dit eventueel verdeelt met je partner. Na je aanvraag ontvang je een beschikking en daarna maandelijks geld op je rekening of moet je juist betalen. Bewaar alle informatie goed, zodat je altijd weet waar je aan toe bent.
Voorlopige aanslag aanvragen en aanpassen wanneer nodig
Het aanvragen van een voorlopige aanslag gaat als volgt:
- Inloggen bij de Belastingdienst
- Het juiste jaar kiezen
- Je gegevens invullen
- Alles controleren en indienen
Je hebt informatie nodig over je bruto-inkomen, de WOZ-waarde, het eigenwoningforfait, je hypotheekrente en -kosten, eventuele partnerkeuzes en je aflossingsschema. Na het indienen krijg je een bevestiging, daarna een beschikking en vervolgens start of verandert het maandbedrag. Wil je iets wijzigen? Vul dan nieuwe gegevens in en je oude beschikking wordt vervangen.
Geef veranderingen in je omstandigheden altijd door
Verandert er iets in je hypotheekrenteaftrek, eigenwoningforfait, inkomen of relatie? Pas dan je voorlopige aanslag aan. Zo voorkom je dat verschillen zich opstapelen.
Bij een andere hypotheekrente of aflossing pas je de gegevens over je woning aan. Verandert je inkomen? Werk dan je loon of ondernemingsinkomen bij. Bij verkoop of verhuizing wijzig je het forfait, de rente en eventuele bijleningen of dubbele aftrek. Bij een nieuwe relatie of scheiding geef je de nieuwe situatie door en verdeel je de aftrekposten opnieuw. Eindigt je periode van dubbele renteaftrek? Verwijder dan de tweede woningpost en pas de termijnen aan.
Check na afloop of alles klopt en stuur bij voor volgend jaar
Zodra je je jaaropgaven hebt, kun je controleren of je voorlopige aanslag klopt met de werkelijkheid. Zie je verschillen? Dan kun je deze bekijken en je voorlopige aanslag voor het volgende jaar beter instellen.
Vergelijk de betaalde rente en kosten, het forfait en je inkomensgegevens met wat in je beschikking staat. Kijk waar verschillen vandaan komen, bijvoorbeeld door tariefbeperkingen, partnerverdeling of dubbele aftrek. Pas op basis hiervan je voorlopige aanslag aan voor het volgende jaar. Houd alle verschillen en aanpassingen bij, zodat je overzicht houdt.